'Ieder Talent Telt in Nijmegen'

11 mei 2017 • Marion van Weeren • Nationale Onderwijsweek

Nijmegen is de Nationale Onderwijsstad 2017/2018. De stad herbergt alle onderwijsniveaus. Onderzoek laat zien dat de kwaliteit van het onderwijs hoog is. Bovendien loopt Nijmegen voorop op het gebied van voor- en vroegschoolse educatie. Dat is geen toeval, blijkt in gesprek met wethouder van Onderwijs Renske Helmer-Englebert.

Wat onderscheidt het onderwijs in Nijmegen?

“Het bijzondere in Nijmegen is dat we samenwerken met een innovatieagenda. Deze agenda is gevuld met projecten en inspanningen voor alle opvang- en onderwijspartijen in de stad. Van kinderopvang tot de universiteit. Het doel ervan is kinderen een soepele onderwijscarrière te bieden. De naam van die agenda, Ieder Talent Telt, krijgt handen en voeten doordat alle partijen elkaar weten te vinden en te binden. Uit de innovatieagenda zijn her en der in de stad broedplaatsen ontstaan: innovatieve plekken waar mensen samen onderwijs maken.”

“Als gemeente hebben we verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting, leerlingenvervoer en onderwijsachterstandenbeleid. Over het onderwijs zelf gaan we niet. In Nijmegen hebben we bovendien de gelden voor onderwijshuisvesting gedecentraliseerd naar de schoolbesturen. Zij ontvangen huisvestingsgeld op hun rekening. In de afgelopen jaren zijn er in de stad nieuwe schoolgebouwen verrezen en zijn er gebouwen gemoderniseerd. De schoolbesturen hebben enorm geïnvesteerd in de kwaliteit van de huisvesting.”

“We willen kinderen een soepele schoolcarrière geven. Dat doen wij ook door ze goed te laten starten. In ons beleidskader 0-12 zetten we in op de schakelmomenten tussen onderwijsvormen. Dat zijn vaak de kwetsbare overgangen. Het beleidskader 0-12 is tot stand gekomen doordat we met besturen hebben gepraat, met schooldirecteuren, leraren, ouders en kinderen. Met veel kinderen gaat het gelukkig goed, maar er zijn ook kinderen die zich juist sneller of langzamer ontwikkelen. Zij zijn kwetsbaar bij de overgang van kinderopvang naar basisonderwijs, van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs en van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs. Ik zou graag zien dat niet alleen het primair onderwijs zich aanpast aan het voortgezet onderwijs, maar dat po en vo samen werken aan het versoepelen van de overgang.”

Hoe wil het onderwijs in Nijmegen hier stappen in zetten?

“We zijn nu aan het onderzoeken wat we in Nijmegen op die schakelmomenten doen en of we iets missen. Het voortgezet onderwijs komt soms te vroeg, bijvoorbeeld omdat een kind in zijn sociaal-emotionele ontwikkeling nog niet zo ver is. We zijn in Arnhem bij het brugjaar Jan Ligthart van het Olympus College gaan kijken. Kinderen die door omstandigheden een jaar extra nodig hebben voordat ze naar het voortgezet onderwijs gaan komen er van heinde en verre naartoe. Ik vind dat een mooi voorbeeld.”

“Een ander schakelmoment is dat van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs. We vragen heel vroeg aan kinderen wat ze de rest van hun leven willen gaan doen. Als dat een verkeerde keuze blijkt te zijn, duiden we dat negatief. Had een jongere niet goed nagedacht of weet je het gewoon nog niet als je een jaar of 15, 16 bent? Doordat het wisselen van opleiding duur en moeilijk is, straffen we kinderen eigenlijk. Ik vind dat niet terecht. Bij het schakelmoment van voortgezet onderwijs naar mbo zijn we begonnen met Loopbaan Oriëntatie Begeleiding (LOB). En de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen heeft de Start Academy waarin deelnemers in zes maanden leren ontdekken wat ze willen.”

“Bij de overgang van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs kunnen leerlingen in Nijmegen kiezen uit een grote rijkdom aan scholen, ieder met een eigen karakter. In het primair onderwijs kiezen ouders de school voor hun kinderen. Met het keuzesysteem Schoolwijzer willen we hen ervan bewustmaken een school dichtbij huis te kiezen, zodat scholen een afspiegeling zijn van de wijk. In wijken die geherstructureerd zijn worden de scholen in de wijk daardoor niet meer voorbij gelopen. Eerder was dat wel het geval. De samenleving wordt rijker van vermenging.”

Dat gaat over gelijke kansen, het thema van de Nationale Onderwijsweek.

“We hebben sterk geïnvesteerd in voor- en vroegschoolse educatie. We zijn bezig vve-plus te organiseren om taalachterstanden verder terug te dringen. We proberen deze functie aan te bieden op de plekken waar dat nodig is. Vve-locaties bevinden zich nu in wijken waar achterstanden veel voorkomen, maar we willen alle kinderen bereiken. Ieder kind dat we missen, omdat vve niet verplicht is, is een gemiste kans.”

“Gelijke kansen gaat voor mij ook over burgerschap in een multiculturele samenleving. Ik wil dat graag een ‘gezicht’ geven en daar echt werk van maken. Wat kinderen in onze stad vinden en willen vind ik belangrijk, net als dat ze samen nadenken over wat ze kunnen betekenen voor de wijk of voor de stad.

In Nijmegen hebben we daarvoor een Kinderraad. Groep 6 van twee verschillende scholen bedenken in overleg met bewoners wat ze voor hun wijk zouden willen doen. De klassen presenteren hun drie projecten in de raadszaal van het gemeentehuis. Van iedere klas wordt een project gekozen. Het zet kinderen in hun kracht.”

“En dan zijn wij natuurlijk ook nog van de leerplicht. Ik noem dat zelf veel liever leerrecht. Onze leerplichtambtenaren zijn er om te zorgen dat kinderen onderwijs kunnen krijgen, afgestemd hun situatie. Kinderen hebben ook het recht om ‘binnenboord’ gehouden te worden. Ik sprak op de Dag van de Leerplicht een aantal vroegtijdig schoolverlaters. Wat een boeiend gesprek was dat. Ze vonden het achteraf allemaal goed dat een volwassene hen achter de broek aan had gezeten. Eén meis je was een halfjaar thuis gehouden door haar vader en hoopte juist dat de leerplichtambtenaar zou aanbellen. Het recht op onderwijs maakt het de moeite waard te investeren in preventie van schooluitval.”

Welke rol ziet u voor onderwijs in de gemeenteraadsverkiezingen van 2018?

“Dan kom ik uit op gelijke kansen. Niet alleen voor kinderen in een achterstandspositie, ook voor hoogbegaafden. Ook zij hebben een vangnet nodig. Daarnaast moeten we goed nadenken over wat we zeggen. Waarom mag je kind naar het vwo en moet het naar het vmbo? Waarom hebben we het over hoog en laag? Die manier van denken en spreken heeft effect op de samenleving. Persoonlijk vind ik dat praktische beroepen worden ondergewaardeerd.”

Waarom verdient Nijmegen de titel van Nationale Onderwijsstad?

“Het is geen titel voor de stad, maar een compliment voor het onderwijs. Omdat we pareltjes hebben, zijn we Nationale Onderwijsstad 2017/2018.”

 

Blijf op de hoogte

Winnaars, evenementen, onderwijsnieuws als je niets wilt missen, meld je je hier eenvoudig aan voor de nieuwsbrief.